Vanmorgen hoorde ik ineens weer die tune van Baywatch.
Meeblèrend met de soundtrack (ja inderdaad: niet half, vol erin)
was ik ineens weer dat jochie van vroeger.
Zomer. Zon. Rode boeien. De helden.
Mensen redden uit zee terwijl dramatische muziek speelde alsof de wereld ieder moment kon vergaan.
Ik keek het als kind bijna religieus.
Maar nu, jaren later, hoor ik die tekst anders.
Want inmiddels werk ik zelf als hulpverlener.
En nu klinkt die soundtrack ineens niet alleen heldhaftig.
Hij klinkt ook gevaarlijk herkenbaar.
“Ik ben altijd hier”
Dat klinkt mooi.
Totdat je beseft hoeveel hulpverleners, ouders, partners en “sterke mensen” eigenlijk leven vanuit precies die zin.
Ik ben er wel.
Ik los het op.
Ik vang je op.
Ik red je wel.
En begrijp me niet verkeerd:
zorg dragen voor anderen is iets moois.
Maar ergens zit er ook een dunne lijn tussen aanwezig zijn…
en jezelf langzaam verliezen in het redden van anderen.
De romantiek van de redder!
Vroeger voelde Baywatch heroïsch.
Nu zie ik er ook iets anders in:
Mensen die continu alert moeten zijn.
Altijd klaarstaan.
Altijd beschikbaar.
Altijd verantwoordelijk.
En ergens schuilt daarin een verslavende rol.
Want de redder voelt zich nodig.
Betekenisvol.
Onmisbaar misschien zelfs.
Totdat je ontdekt dat jouw waarde ongemerkt gekoppeld raakt aan het oplossen van andermans nood.
Dat is de minder romantische kant van die rol.
De kant waar je niet applaudisserend het strand af rent in slow motion.
Maar moe thuiskomt, leeg.
Met een systeem dat nog steeds “aan” staat.
“Some people stand in the darkness, afraid to step into the light.”
Vroeger hoorde ik daarin vooral de mensen die gered moesten worden.
Nu hoor ik er soms ook de hulpverlener in.
Want veel mensen die goed kunnen zorgen voor anderen…
hebben ooit geleerd om zichzelf juist níet centraal te zetten.
Ze voelen feilloos aan wat een ander nodig heeft.
Kunnen spanning lezen.
Zijn alert. Aanwezig. Beschikbaar.
Maar voelen zichzelf soms pas waardevol wanneer ze iets betekenen voor iemand anders.
En dat maakt de rol van redder ingewikkeld.
Omdat het er aan de buitenkant heel liefdevol uitziet…
terwijl er vanbinnen soms ook angst onder zit.
Angst om tekort te schieten.
Niet nodig of zelfs overbodig te zijn.
Of simpelweg stil te vallen.
Misschien is volwassen worden niet dat je altijd klaarstaat
Maar dat je leert wanneer je moet zwemmen…
en wanneer iemand zelf moet leren drijven.
Dat je aanwezig kunt zijn zonder jezelf op te offeren.
Dat je niet iedereen uit zee hoeft te trekken om van waarde te zijn.
En misschien is dat wel de volwassen versie van die Baywatch-fantasie van vroeger.
Niet de redder die altijd iedereen redt.
Maar de mens die aanwezig durft te blijven zonder zichzelf kwijt te raken.
Voor nu doe ik nog even m’n ogen dicht… en ren in slow motion de branding tegemoet.




